woensdag, 9 juni 2004
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

De vrije markt in een onvrije economie


Deze keer weer eens een artikel over goud; een dat vooral gebaseerd is op de artikelen uit “Gold” Newsletter van Martin A. Armstrong en Gary L. Alexander. Armstrong (voorzitter van het prestigieuze Princeton Economics International Institute) gaat vooral in op de drie vormen van inflatie die er volgens hem alle drie tegelijk dreigen aan te komen.

a) Vanwege de overal betere bedrijfswinsten beginnen we nu aan hogere looneisen en een nieuwe loon-prijs spiraal.

b) Vanwege grondstoftekorten zullen de prijzen van ruwe-, half-, en eindfabrikaten stijgen, (hij bedoelt hiermee niet grondstoftekorten, zoals de Club van Rome voorspelde, maar het zal niet lang meer zo kunnen zijn dat grondstoffen gewonnen worden tegen de huidige prijzen.

c) De overheidsuitgaven zullen zoals gewoonlijk blijven stijgen, maar nu komen daar ook nog de hogere uitgaven uit de private sector bij.

Ik zou daar nog aan toe willen voegen dat omdat de capaciteitsbezetting bij de meeste bedrijfstakken het maximum benadert, er daarom ook daardoor prijsverhogingen zullen ontstaan.

Voor het eerst in deze eeuw, schrijft hij, komen al deze drie factoren tegelijk voor. Zelfs bij de inflatiegolven van 1960,1970 en 1980 was dat niet zo. Dus is zijn conclusie dat de inflatie enorm zal toenemen en dat daarmee ook de edelmetalen enorm in prijs zullen stijgen. Ik wil hier wel even aan toevoegen dat hij het vooral over prijsinflatie heeft, in tegenstelling tot inflatie-als-zodanig. Met “prijsinflatie” wordt bedoeld het stijgen van de prijzen-sec.

Met “inflatie” bedoeld ik de stijging van de hoeveelheid geld (is door de overheid) t.o.v. de hoeveelheid goederen. Dat laatste is gebruikelijk en is o.a. onder de kop “monetair financieren” in onze overheidsbegroting terug te vinden.

Gary Alexander is hoofdredacteur van “Gold”. Hij tracht op basis van wat er gebeurde onder vorige presidenten van de V.S. een prognose van de goudprijs te maken. Kort samengevat is dat:

- de laatste jaren van Ford: goed voor de economie, slecht voor goud.

- Carter zeer slecht voor alles; heel goed voor goud.

- de eerste jaren van Reagan leken veelbelovend, dus? daling van goud.

De koers van goud tot 1992 wordt dus? bepaald door de soort president die er aankomt.

Hij voorspelt voor alle kandidaten een goudprijs op basis van zijn interpretatie van hun eerdere acties en verkiezingsprogramma’s.

Voor de koplopers is dat:

- George Bush $ 500 – $ 750

- Michael Dukakis $ 750 – $ 1000

Hij voegt er aan toe: Wie er van de Republicrats of de Demopublicans gekozen wordt, het blijft een keus van de minst slechte. Dus kies nu voor uw vermogen en realiseer dat zelfs onder Reagan goud $ 200 kon stijgen, laat staan wat dat voor de huidige kandidaten betekent.

Fundamenteel zie ik ook veel redenen om goud etc. te kopen. Hierbij spelen onrust en inflatie de hoofdrollen; op korte termijn zie ik nog niet zoveel prijsveranderingen ontstaan, maar weet wel dat het niet zozeer de onrust of de inflatie zelf is maar de angst daarvoor. Wanneer die angst weer aanwakkert, is veel moeilijker voorspelbaar. Daarom blijf ik adviseren om het in uw bezit zijnde goud/zilver etc. aan te houden en zelfs te overwegen bij te kopen.

De Aandelenbeurs

Hier is het een en al afwachten geblazen. De koersen dalen eerder omdat er geen kopers zijn dan omdat er zoveel verkopers zijn. In zo’n afwachtende markt helpen zelfs geen goede berichten als de cijfers van Kon. Olie of berichten van AKZO. (Be)houd wat U heeft, koop grondstof- en basisindustrie fondsen.

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars
Loading ... Loading ...

Door Jongen, Louk, topic: Jongen, Louk, Beleggen, Vrijbrief 123/124 (juni 1988)
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.