woensdag, 9 juni 2004
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

De vrije markt in een onvrije economie


Goud?

Wat is er aan de hand met de goudprijs? Enige tijd geleden $440 per ounce en nu $395. Wat zegt dat en wat moeten we er mee?

Allereerst de redenen waarom er minder kopers zijn en “men” denkt dat het niet zal stijgen:

1. Doordat de olieprijzen dalen, terwijl olie een groot deel van ons kostenpakket uitmaakt,-direct vanwege verwarming, vervoer etc., – indirect vanwege de energiefactor in veel productieprocessen: lijkt het alsof veel producten niet in prijs stijgen of goedkoper worden, want een belangrijk onderdeel van de kostprijs daalt.

2. Er wordt meer goud gedolven dan tot voor de laatste jaren gebeurde.

3. Goud als veiligheid lijkt minder hard nodig omdat er steeds minder onrust zou zijn in de wereld.

ad 1. Terwijl de inflatie nog gemiddeld 2-3% is in de industrielanden, en stijgend, betekent dat met constante (i.p.v. gedaalde) olieprijzen snel hogere cijfers. De lage inflatiecijfers geven een enigszins vertekend beeld. Vooral als we naar de enorme toenames van de geidhoeveelheid kijken, zijn dat voorbodes voor inflatie.

Trouwens over die geidhoeveelheid: als je de $-schuid van de V.S. zou meten in de hoeveelheid goud die de V.S. beschikbaar heeft, kun je uitrekenen wat een goudprijs zou moeten zijn, wil je die schuld glad trekken. De “Int. Bank Credit Analist” komt dan op een getal van ca. $1.000 per ounce; tegen de huidige $395 is er dus nog wel wat stijging mogelijk!

ad 2. Inderdaad wordt er nu meer goud gedolven dan vroeger. Dat kan echter nog nauwelijks meer winstgevend gedaan worden ais je alle kosten meetelt. Dus is er een limiet aan wat er tegen de huidige prijzen gedolven kan worden. Wat een extra factor in dit verband is, is dat veei goudmijnen hun toekomstige productie reeds nu verkocht hebben. Dat betekent dat er nu goud op de markt is verkocht (en gekocht), terwijl die productie nog gemaakt moet worden in de toekomst. ln ieder geval geeft dat weer minder aanbod in de toekomst.

ad 3. Op veel plaatsen lijken de (wereld)problemen wat oplosbaarder: de derdewereldschulden lijken wat minder nijpend, de oorlogen lijken wat minder heftig, noemt u maar op. Het aantal wapens dat die derdewereldlanden nog steeds van ontwikkelingsgelden kopen is echter niet gedaald. En zouden ze die nu echt alleen voor parades willen gebruiken? Ik durf er niet op te gokken.

Kortom, van de voorgaande argumenten voor een goudprijsdaling blijft bij nader inzien minder over dan het marktsentiment ons zou doen geloven. Wat is er dan nog meer?

Stel dat we na de economische opleving een (normale) recessie zouden krijgen. Onlogisch is dat niet, en inderdaad, er zal dan eerder interesse voor obligaties zijn dan voor goud. Als overheden niet te veel ingrijpen in de huidige economische gang van zaken ben ik niet zo bang voor een recessie. Althans niet in het komend jaar.

Samengevat: ik ben nog steeds van mening dat met “goudbeleggingen” goede zaken gedaan kunnen worden. Een aandachtspuntje is de kwestie dat het Amerikanen misschien verboden zal worden om Zuid-Afrikaanse goudmijnaandelen te kopen. Dit nieuws is volgens mij al grotendeels in de aandeelkoersen verwerkt. Hierbij zou ik willen schrijven: het zit al in de koers, of het wel of niet gebeurt weet niemand, maar er zullen eerder verrassingen zijn die, vanaf nu, tot stijging leiden dan tot daling.

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars
Loading ... Loading ...

Door Jongen, Louk, topic: Jongen, Louk, Beleggen, Vrijbrief 128/129 (oktober/november 1988)
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.