dinsdag, 24 juni 2003
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Laat ons met rust!


Aangezien de ‘economische groei’ tegenwoordig hèt grote probleem is, en onze regering heeft beloofd deze te zullen ‘stimuleren’- de algemene welvaart te zullen bevorderen door een steeds verdere uitbreiding van het staatstoezicht, onderwijl geld uitgevend dat nog niet eens is verdiend – vraag ik me af hoeveel mensen weten waar de uitdrukking ‘laissez-faire’ eigenlijk vandaan komt?

Frankrijk was in de zeventiende eeuw een absolute monarchie. Zijn stelsel is weleens omschreven als ‘absolutisme beperkt door chaos’. De koning bezat absolute macht over het leven, het werk en het bezit van iedereen – en alleen de corruptie van allerlei regeringsfunctionarissen schonk de mensen nog een klein beetje vrijheid.

Lodewijk XIV was het prototype van een echte despoot: een pretentieuze, middelmatige man met grootse ambities. Zijn bewind wordt beschouwd als een van de schitterende periodes van de Franse geschiedenis: hij gaf het land een ‘nationaal doel’, in de vorm van langdurige en succesvolle oorlogen; hij maakte Frankrijk tot de leidende mogendheid en het culturele centrum van Europa. Maar ‘nationale doelen’ kosten geld. Het fiscale beleid van zijn regering leidde tot een chronische crisistoestand, die werd opgelost door toepassing van het eeuwenoude middel van brandschatting, dat wil zeggen, door het land steeds zwaardere belastingen op te leggen.

Colbert, de voornaamste adviseur van Lodewijk XIV, was een van de eerste moderne staatisten. Hij geloofde dat overheidsvoorschriften nationale welvaart kunnen creëren en dat hogere belastinginkomsten alleen kunnen worden verkregen uit de ‘economische groei’ van het land, en zodoende begon hij te streven naar’een algemene toename van de welvaart door het aanmoedigen van de industrie’. Deze aanmoediging bestond uit het opleggen van talloze vormen van staatstoezicht en haarfijne voorschriften die het bedrijfsleven verstikten; het gevolg hiervan was dat zijn hele streven een trieste mislukking werd.

Colbert was geen vijand van het bedrijfsleven; niet meer dan onze huidige regering. Colbert wilde de tot offerdieren bestempelde slachtoffers graag vetmesten – en bij een historische gelegenheid vroeg hij een groep fabrikanten wat hij voor de industrie kon doen. Een fabrikant genaamd Legendre antwoordde: ‘Laissez-nous faire!’ (‘Laat ons met rust!’)

Blijkbaar bezaten de Franse zakenlieden van de zeventiende eeuw meer moed, en een beter begrip van de economie, dan hun Amerikaanse tegenhangers van de twintigste eeuw. Zij wisten dat overheids-‘hulp’ aan het bedrijfsleven even rampzalig is als door de overheid te worden vervolgd, en dat de enige manier waarop een regering de nationale welvaart van dienst kan zijn is er niet haar handen van af te blijven. Te zeggen dat dat wat gold voor de zeventiende eeuw niet kan gelden voor nu, omdat wij in straalvliegtuigen reizen, terwijl zij in diligences reisden – is ongeveer hetzelfde als te zeggen dat wij geen voedsel nodig hebben, zoals de mensen in het verleden wel, omdat wij’ nu regenjassen en lange broeken dragen, in plaats van de bepoederde pruiken en hoepelrokken die men vroeger droeg. Het is dit onvermogen om bepaalde principes te begrijpen, om de hoofdzaak te onderscheiden van de bijzaak, dat de mensen blind maakt voor het feit dat onze huidige economische crisis de oudste en meest afgezaagde crisis in de geschiedenis is.

Dit artikel verscheen eerder op: mvlogo-small.jpg
 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars
Loading...Loading...

Door Ayn Rand, topic: Ayn Rand, Kapitalisme, Objectivisme
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.