maandag, 26 april 2004
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Redt het Universum!


Na jaren van luisteren naar jammerende milieubeschermers en hun standpunten met betrekking tot de ondergang van onze planeet, viel het mij op, dat zij heel erg kortzichtig zijn.
Ze geven een beeld alsof de aarde, met al zijn gevarieerde levensvormen, een onafwendbare ondergang tegemoet gaat, veroorzaakt door het onvermogen van de mensen om op afdoende wijze om te gaan met de bijproducten van onze levensloop. (Wat economen “bijkomstigheden” noemen.)
Aangezien leven nooit 100% efficiënt is, zal er altijd “entropie” [Entropie = energieverlies bij de omzetting van warmte in kracht – verspilling] betrokken zijn bij wat wij doen en deze entropie wordt gedeeltelijk omschreven als: energie, die niet beschikbaar is voor productiviteit.

Voor de milieubeschermers betekent dit een probleem, dat uitsluitend bestreden kan worden door overheidsingrijpen en reglementering. Dat entropie vaak een kwestie is vanuit welk standpunt men het bekijkt, wordt door hen, die de natuur willen opschonen en steriliseren, algemeen genegeerd. Het afval van het ene organisme (entropie) kan de voedingsbron zijn voor een ander organisme of een grondstof voor een productieproces. Mijn buurman verspreidt af en toe stierenmest over zijn gazon om de groei van nieuw gras te bevorderen en ik ben er zeker van, dat het een toepassing is waar de stieren nooit aan gedacht zullen hebben. Het afval, dat wij in vuilcontainers gooien, betekent eten voor rondscharrelende beren, wasberen en boommarters. Een dode boom in het bos wordt een ondergrond, waarop schimmels wortelen en van leven.

De Tweede Wet van de Thermodynamica, waarop ons begrip van entropie is gebaseerd, leert ons, dat het nu eenmaal het lot is van elk gesloten systeem om zich te verplaatsen van een ordelijke naar een wanordelijke toestand. Deze veronderstelling is zo consequent herhaald, dat de meesten van ons het als een vaststaande waarheid beschouwen. Maar wat doen we als dit standpunt niet op daadwerkelijke waarneming blijkt te berusten, dus op logische redenering verondersteld op grond van onze beperkte van kennis van het universum?

Als wij de aard van de systemen in ogenschouw nemen – met inbegrip van het universum zelf – dan ontdekken wij dat vele van die systemen ingewikkelder worden en meer geordend in tegenstelling tot de verwachtingen aan de hand van die Tweede Wet. Als, zoals de “Big Bang” doet veronderstellen, het universum begon als een soort primitief eenvormig plasma, dan begon het daarna toch al heel vlug te destilleren in de veelheid van elementen, waaruit het bestaat. En daaruit ontstonden de melkwegen en zonnestelsels, die dus een meer georganiseerd systeem blijken te zijn, dan wat er daarvoor bestond.

Het ontstaan van leven, in al zijn verschillende met elkaar verbonden vormen, uit een ogenschijnlijk levenloze wereld, is een ander voorbeeld van de uitgebreide samenbundeling – in plaats van ongeordende verspreiding – van een ingewikkelde orde in de natuur. De voortdurende ontplooiing van onze geestvermogens, van onze taal, en van onze samenlevingsvormen is een verdere illustratie van de onvolledigheid van die Tweede Wet.

De Nobelprijswinnaar, Ilya Prigogine, heeft waarschijnlijk de meest serieuze uitdaging tegen deze lang vastgelegde doctrine naar voren gebracht. In zijn werk over “verstrooide structuren”, theoretiseerde Prigogine, dat een bepaalde structuur een “splitsingspunt” kan bereiken, waarbij de bijbehorende eenvoudiger processen niet langer orde kunnen bewaren. Op dat punt, zegt Prigogine, kan het systeem ofwel geheel in een volledige entropie ineenstorten, ofwel zich naar een hogere ordeningsvorm ontwikkelen. Prigogine was een belangrijke medewerker in het onderzoek naar “chaos” dat, zoals ik in eerdere artikelen reeds aangaf, het meest doorslaggevende bewijs levert waarom verticaal opgebouwde structuren (zoals b.v. de staat) steeds minder belangrijk worden in een toenemend complexer wordende wereld.

prigogin.jpg
Ilya Prigogine

Economische studie kan ons helpen begrijpen, dat een complexe wereld het meest effectief functioneert op basis van spontane handelingen, waarbij de mensen vrij zijn te reageren op de omstandigheden, waarmede zij geconfronteerd worden, en dat pogingen om orde op te leggen belemmerend werken op de zelfordeningprocessen waarin systemen gedijen. Om met de woorden van Erich Jantsch te spreken: “Hoe meer vrijheid voor zelf organisatie – hoe meer orde”.

Ik breng dit onder Uw aandacht om het denken van politiek gedreven milieufanaten in perspectief te brengen. Als die Tweede Wet geen onveranderlijke waarheid blijkt te zijn (met andere woorden, als de kosmos niet is voorbestemd om geheel ongeordend in elkaar te storten), welke invloed zou deze verandering van inzicht dan hebben op de pogingen van hen, die Alan Watts beschrijft als: “zij, die het universum willen schoon schrobben”?

Voor Prigogine is de wereld een “zelforganiserend systeem,” waarin orde ontstaat uit wanorde. Naar zijn mening vernieuwt de wereld, in zijn vele verschijningsvormen, zich in een voortdurend wordingsproces. De meeste milieubeschermers schijnen de wereld te beschouwen, zoals andere collectivisten: als een eenheid bestaande uit een beperkte en afgemeten omvang, waarvan het gebruik verdeeld moet worden, zoals bij een distributiesysteem.
Natuurlijk zien zij zichzelf als de meest geschikte “distributeurs”, om uit te maken wie beslissingen mogen nemen over welke natuurlijke hulpbronnen in de wereld ook.
Socialisten beoordelen het fenomeen rijkdom op dezelfde manier: op één of andere manier is het ontstaan in een bepaalde hoeveelheid; enkele mensen hebben het gepresteerd om meer dan hun “billijke aandeel” daarvan te verwerven en de overheid zou ervoor moeten zorgen, dat die rijkdom herverdeeld wordt – naar aanwijzing van de socialisten natuurlijk – om der wille van de “eerlijkheid”.

Het idee, dat rijkdom iets is, dat gemaakt wordt door individuele mensen en dat de materiele rijkdom van het mensdom door kan gaan met zich uit te breiden zolang de overheid de mensen niet in de weg loopt, is een denkvorm, die socialisten nooit zullen bereiken.
Hetzelfde geldt voor de meeste milieubeschermers: het idee, dat levensprocessen zonder toezicht op elkaar inwerken om de noodzakelijke omstandigheden, die nodig zijn voor leven en voor zichzelf, in stand te houden, heeft voor hen de omvang van een geweldige nachtmerrie. Toen James Lovecock in zijn nu klassieke werk “Gaia” suggereerde, dat levensprocessen vanzelf een evenwicht in stand houden tussen de zuurstof-, en carbondioxide hoeveelheden in de atmosfeer, die passend zijn voor al het leven, waren vele milieubeschermers stomverbaasd.

De cabaretier George Carlin heeft een heerlijk nummer, dat de angsten van de milieubeschermers duidelijk op haar kortzichtigheid wijst. Na de aandacht gevestigd te hebben op de geweldige woelingen, die de Aarde gedurende haar ontstaan doorgemaakt heeft: zoals omkeren van de magnetische polen, vulkanische uitbarstingen, geraakt te zijn door kometen, meteoren en zonnevlammen, verschuivingen van tektonische platen en het afdrijven van de continenten, overstromingen en ijstijden vraagt Caskin met het oog op het voorgaande, of de wereld nu zal vergaan door een plastic zakje?

De milieubeschermers zouden kunnen antwoorden, dat de Tweede Wet van de Thermodynamica zal overwinnen; dat het leven van ons allen zo goed als dat van alle andere organismen op aarde, tot een dood door entropie gedoemd is. Zij zullen er op wijzen, dat de Zon te gelegener tijd zal uitdijen en al haar omringende hemellichamen zal opslokken en dan op een goede dag zal exploderen – of imploderen.
Astronomen en natuurkundigen – die de auteurs zijn van de Tweede Wet – beschreven een vluchtig universum van exploderende melkwegstelsels, zwarte gaten en andere aanduidingen van milieus, die geen levensvormen hebben zoals wij die kennen. Uiteindelijk, zo stellen natuurkundigen, zal het universum, dat met een grote knal begon (big bang) ophouden uit te dijen om weer terug gaan naar de oorspronkelijke toestand, zoiets dus als een grote samenballing. Een uiterst slordige gang van zaken, waarbij, in vergelijking, de vervuiling van onze straten en parken niets betekent.

Ik vraag me af of de milieubeschermers een plan hebben om deze verschrikkelijke toekomst te vermijden? Misschien kunnen zij – en de overheid, waarop zij altijd een beroep lijken te doen – plannen maken niet alleen om de aarde, maar het hele universum te redden. De wetenschap en techniek, waar men altijd op kan rekenen hun medewerking te verlenen aan een zaak, die door de belastingbetalers wordt bekostigd, zouden misschien een gedetailleerd voorstel kunnen bedenken om een argeloos publiek van de haalbaarheid van zo’n onderneming te overtuigen.
Ik zie de autostickers en T-shirts al voor me met het opschrift: “Redt het universum! Help de strijd tegen Entropie!”.

Er bestaat een overvloed aan bewijzen voor deze bedreiging van de kosmos en het wordt steeds duidelijker hoeveel de menselijke soort hieraan meewerkt. Enige maanden geleden werd bekend, dat de planeet Mars onderhevig is aan globale opwarming, waarbij de poolijskappen smelten. Aangezien ieder weldenkend mens weet, dat hier op aarde dergelijke toestanden uitsluitend teweeggebracht worden door auto’s, fabrieken en aërosol spuitbussen, is dit een overtuigend bewijs dat Mars bevolkt moet zijn door mensachtigen. Waar of niet? Het lijkt erop of President George W. Bush een grotere helderziende is, dan wij ooit dachten. Wellicht is zijn recente voorstel om mensen naar Mars te sturen een verlengstuk van zijn interplanetaire “strijd tegen terreur”, waarbij dus de Marsbewoners inbegrepen worden!

Milieubeschermers zullen ons duidelijk willen maken, dat wij niet langer apart of egocentrisch kunnen blijven in onze mening. Niets minder dan een kosmische heroriëntatie kan volstaan! Aangezien alles zal worden aangemerkt mee te werken aan deze kosmische ramp, moet alles geregeld worden! Wij zouden kunnen beginnen met de Zon te beschermen tegen de bedreiging van uitdijen. Enige dagen geleden las ik, dat er een planeet was ontdekt in een ander zonnestelsel, die warmte naar haar zon straalt door middel van elektromagnetische velden. Misschien zouden onze natuurkundigen en ingenieurs aan een dergelijke technologie kunnen gaan werken, waardoor wij aardebewoners de temperaturen van onze zon kunnen regelen, waardoor toekomstige generaties meer tijd krijgen om aan het grotere kosmische project te kunnen werken.

Het redden van het universum van de ondergang op zich, zou een regeringsproject kunnen worden met meer prioriteit dan het beheersen van het dikker worden van de burgers. De dreiging dat Uw verre nazaten uit elkaar gerukt zullen worden als zij in het zwarte gat gezogen worden, moet toch voldoende zijn om Uw steun aan een dergelijke zaak te geven; om niet te spreken van de vaderlandslievende figuren, die in woede zullen opstaan bij de gedachte, dat de Amerikaanse vlag verbrand zal worden door een zon met ambities om verder uit te dijen?

Er zullen ook zwartkijkers onder ons zijn, die ons zullen vertellen, dat de aarde zelf maar een haast onzichtbaar puntje is in een evenzo minuscuul melkwegstelsel. Zij zullen ons vertellen, dat het universum opgebouwd is uit wel miljarden melkwegstelsels en dat de gecombineerde krachten en energieën die het universum doorkruisen onze nietige pogingen om de gang van zaken te veranderen, verre zullen overtreffen.
Maar milieubeschermers zullen waarschijnlijk tegen zulk negativisme ingaan door ons te herinneren aan de song van Frank Sinatra: “High Hopes”, waarin een mier bezongen wordt, die een rubberboom verplaatst!
Want als de politieke wil samengaat met de techniek, dan staat niets ons in de weg! Welk zwart gat kan het nu opnemen tegen een opiniepeiling van CNN?

Dit zijn zware tijden. In deze strijd tegen het universum is geen plaats voor gewetensbezwaarden en neutralen. Zij, die tegen de strijd zijn, zullen natuurlijk worden aangemerkt als verraders, geheel volgens de redenering: ” als je niet met ons bent, dan ben je dus tegen ons!”


Butler D. Shaffer heeft rechten gestudeerd aan de Universi­ty of Chicago, waar hij in 1961 afstudeerde. Gedurende enkele jaren werkte hij als jurist in Omaha, Nebraska, waarbij hij zich specialiseerde in handel, bouwbedrijf, de aspecten van rechtspersoon­lijkheid en arbeidsovereen­komsten. Hij is thans als professor verbonden aan het College of Business Administration van de University of Nebraska in Omaha.

Professor Shaffer heeft artikelen gepubliceerd in de Creighton Law Review, het Labor Law Journal en het Rampart Journal. Momenteel schrijft hij een boek over de oorsprong van overheidsvoor­schriften met betrekking tot de handel.

shaffer.jpg

Vertaling door Harry Javaroom. Het origineel van dit artikel kunt u vinden op www.libertarian.to.

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars
Loading...Loading...

Door Butler Shaffer, topic: Milieubeweging
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.