vrijdag, 8 december 2006
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Zij zetten zichzelf buitenspel

Ayaan-erggroot.jpgDe Britse premier Tony Blair zegt dat de Islamitische sluier een markering is van segregatie, één die maatschappelijke integratie van moslima’s ernstig bemoeilijkt. Hij heeft gelijk. Zij die zich verschuilen achter islamitische uniformiteit, zetten zichzelf buitenspel.

Vele moslima’s worden gedwongen het lichaam vergaand te verhullen. De islamitische sluier, hoofddoek of anderszins, is het zichtbare symptoom van hun meer omvattende onderwerping. Moslima’s dienen te gehoorzamen, toestemming te vragen van hun mannelijke ‘superieuren’ als zij, meestal onder begeleiding, het huis verlaten. Deze slachtoffers van de hen omringende krachten hebben bijna altijd zeer weinig scholing genoten, ongeacht of ze nu in Saoedi-Arabië of Engeland leven. Zij trouwen jong, via gearrangeerde of gedwongen huwelijken, en worden getraind voor een dociel bestaan. Zij komen niet voor in de werkloosheidsstatistieken, of welke statistieken dan ook. Zij zijn onzichtbaar, precies zoals voorgeschreven door hun geloof.

De vrouwen die vrijwillig kiezen voor de islamitische sluier zijn anders. Zij zijn veelal alfabeet, verbaal sterk en onafhankelijk. Velen van hen zijn recent bekeerde, born again moslima’s of zelfs islamitische activisten die maatschappelijk mogelijk zeer goed geïntegreerd zijn. Niettemin hebben zij een heldere keus gemaakt. Zij wijzen het westerse leven af. De islamitische sluier is een uitdrukking van een morele filosofie die zij hooghouden en graag anderen opleggen. Zij zijn er op uit om te provoceren, te intimideren. Het is in vele Europese steden meer en meer gebruikelijk om meisjes, soms al vanaf een jaar of vijf, te zien met een strak omgeknoopt hoofddoekje of zelfs een echte sluier. Zij worden geleerd uit de buurt te blijven van jongens, ongelovigen en moslims die zwak in het geloof zijn – dat zijn dus de andere, niet-gesluierde islamitische kleine meisjes. Dit is nu precies het doel van de islamitische sluier.

De islamitische sluier markeert ook een tweedeling tussen man en vrouw. Vrouwen moeten zich verhullen, mannen niet. Dit simpele dogma is gefundeerd in een seksuele moraal die vrouwen verantwoordelijk houdt voor het seksuele gedrag van mannen. Mannen zouden geprikkeld kunnen worden tot zondige gedachten bij het zien van een vrouw. Ongesluierde vrouwen zullen, door Allah, hiervoor gestraft worden in de hel. De hoogste islamitische geestelijke van Australië, Sjeik Taj Din al-Hilali, sprak recent over een bende islamitische mannen die tot jarenlange gevangenisstraffen veroordeeld zijn voor groepsverkrachting: “als je vlees onbeschermd op straat laat liggen…en katten eten er van…wiens schuld is het…van de katten of van het onbedekte vlees? Het onbedekte vlees is het probleem”. Hij ging verder: “Als zij in haar kamer zou zijn geweest, in haar huis, in haar Hijab, dan zou er zich geen probleem voorgedaan hebben”.

Het meest verdorven aspect van deze ‘moraal’ is het volledig ontbreken van mannelijke verantwoording voor mannelijk gedrag. Het is, meer nog, een seksuele moraal die volstrekt onverenigbaar is met die van het Westen, één die vrouwelijke erotiek benadrukt in mode, muziek, film, reclame etc. Feministen kunnen het verdienstelijke hiervan beargumenteren maar één belangrijk onderscheid blijft. In het Westen is er de veronderstelling dat mannen in staat zijn tot significante seksuele zelfbeheersing. Het is juist deze veronderstelling die het voor ons vrouwen mogelijk maakt om in vrijheid deel te nemen aan het openbare leven en privé individuele keuzes te maken. Het verkrachtingsslachtoffer in een minirok heeft er niet om gevraagd en de man die zijn vrouw verkracht begaat een misdrijf.

En wat te denken van het debat over scheiding van kerk en staat, zoals actueel in Frankrijk? Geen enkele religie mag de publieke ruimte domineren, laat staan annexeren. Iedereen kan in vrijheid de eigen religie aanhangen – een recht afwezig in Saoedi-Arabië, Iran of Pakistan – maar er niet op uit zijn deze religie op te leggen aan anderen. Men mag geen “provocerend zichtbare” religieuze symbolen dragen.

Vrouwen die zich – in westerse samenlevingen – verbergen achter islamitische sluiers schenden al deze elementaire normen. Zij zijn hierdoor zeer onbescheiden en hun verschijning krijgt hierdoor een invasief karakter. Zij zullen slechts slagen in het creëren van vijandigheid. Tot elke vrouw die de deur uit gaat in iets waardoor ze op Batman lijkt, en ook nog klaagt dat hoon haar deel is, zeg ik het volgende: je vraagt er zelf om. Verdraag het ridiculiseren of dump je uniform.

De auteur is resident fellow aan het AEI (American Enterprise Institute).
Oorspronkelijke tekst ‘Setting Themselves Apart’. Vertaling Cornelis.
Deze tekst verscheen eerst op hoeiboei.nl

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars
Loading...Loading...

Door Ayaan Hirsi Ali, topic: Religieuze Onderdrukking
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.
Reacties
  1. Konrad Swart schreef op : 1

    Er zitten aan vrijheid twee kanten. Aan de éne kant willen mensen vrijheid. Maar aan de andere kant willen ze de onzekerheid die dat met zich meebrengt vermijden. En daarop spelen groeperingen in. Ze proberen ons wijs te maken, dat wij als individu klein zijn, en niets kunnen. Ze komen naar voren met één of andere structuur, dat ‘groter is dan het individu’, waarin je je vrijheid moet opgeven in ruil voor zingeving. En wat die zingeving is, dat wordt natuurlijk door de leiders van die groeperingen uitgemaakt!

    Het idee, dat je, als je voor vrijheid kiest, je ook voor persoonlijke verantwoordelijkheid kiest, is kennelijk maar zeer moeilijk te vatten. Vrijheid is voor iemand, die er Heilig van Overtuigd is, dat hij ‘een onderdeel is van het Grote Geheel, dat als énige zin en betekenis belichaamt’, iets waar hij extreem bang voor is.

    Iedereen kent een baby-stadium. Dus een stadium, waarbij je je leven ervaart als bestuurt door een grote macht buiten je, waar je geen controle over hebt. Als baby is je bevattingsvermogen beperkt. Als baby heb je zelfs geen controle over je lichaam. In tegenstelling tot de antilope, die meteen kan rennen na zijn geboorte, moet de mens alles leren. Zelfs het simpele bewegen. Een baby moet zelfs moeite leveren om te begrijpen, dat ‘dat ding dat steeds maar in zijn oog terecht komt’ zijn eigen voet is! Laat staan, dat een baby kan begrijpen wat ‘ouders’ zijn. Het énige wat het merkt, is dat als het luidkeels laat weten, dat het honger, dorst of ander ongemak heeft, er ‘een hogere macht van buitenaf’ ingrijpt, die ‘zijn best doet om die pijn weg te nemen’. Een ‘grotere macht’ die zich echter niet alleen beperkt tot verzorging, maar ook probeert in te grijpen in het gedrag van de baby. Het is een ‘grotere macht’ dje de baby zowel beloont als bestraft, en langs die weg geborgenheid verschaft. Als baby doe je dan je uiterste best om pijn te vermijden, en zoveel mogelijk geluk uit deze ‘hogere macht’ te halen. Dat is het baby-stadium dat in elk geloof, elke Heilige Overtuiging, elk ‘Groter Ideaal’ zit.

    Het vergt een bewuste worsteling om daar bovenuit te treden.

    Onlangs heb ik al de wortel van woede gevonden. Namelijk het idee van De Waarheid. Alle woede in wie dan ook vindt zijn oorsprong in één of andere vorm van blind accepteren van De Waarheid. Woede is echter nog niet genoeg om oorlog te veroorzaken. Je kunt woede onderdrukken. Je kunt woede zelfs elimineren, als je een filosofie hebt, die zekerheid en De Waarheid van elkaar loskoppelen.

    Een voorbeeld is Popper’s falsificatie-idee. Want zijn visie laat zien dat De Waarheid en zekerheid niet hetzelfde zijn. Om een simpel voorbeeld te noemen, wat van hem is, je kunt nog zoveel witte zwanen tegenkomen als je maar wilt, maar geen enkele witte zwaan vormt een bewijs voor de stelling dat alle zwanen wit zijn. Maar slechts één enkele zwarte zwaan is voldoende, om er absoluut zeker van te zijn, dat dat de stelling: ‘alle zwanen zijn wit’ fout is.

    Dit toont, dat De Waarheid, welke dat ook is, nooit bewezen kan worden. Een De Waarheid kan alleen maar weerlegd worden, en zal ook weerlegd worden, omdat het menselijke kenvermogen beperkt is, maar toch groeit. Het kan niet anders, of elke De Waarheid zal dan op een Uitzondering stuiten, die de absolute geldigheid ervan zal weerleggen. Maar is zekerheid dan onmogelijk? Is weten onmogelijk? Is wetenschap onmogelijk?

    Nee, want zekerheid en waarheid zijn namelijk niet hetzelfde. Je kunt er namelijk absoluut zeker zijn dat een stelling fout is. Absolute zekerheid is daarom alleen te vinden in een weerlegging van De Waarheid. Je kunt alleen maar absoluut zeker zijn van een Foutheid, nooit van een Waarheid.

    Sommigen zullen beweren, dat deze stelling in strijd is met zichzelf. Maar dat komt alleen, doordat men bijna automatisch aanneemt dat zekerheid en waarheid identiek zijn. Want de zekerheid dat stellingen alleen maar weerlegd kunnen worden, is de zekerheid dat alle stellingen betwijfelbaar zijn. En zeggen dat alle stellingen betwijfelbaar zijn, is hetzelfde als weten, dat geen enkele stelling met positief bewijsmateriaal tot waarheid verklaard kan worden. Je kunt er dus absoluut zeker van zijn dat geen enkele vorm van positief bewijsmateriaal het waar zijn van een De Waarheid kan bewijzen. En dat is hetzelfde als weten dat denken dat een De Waarheid bewezen kan worden, fout is.

    De zekerheid van de twijfel is dus een speciaal geval van de zekerheid die ontleent kan worden uit Foutheid!

    Dit impliceert vijf belangrijke inzichten..

    1. De Waarheid, in wat voor een vorm, is altijd betwijfelbaar.
    2. Slechts één tegenvoorbeeld van een universele stelling die als absoluut waar gehouden wordt, is voldoende om hem onderuit te halen.
    3. Hieruit mag je niet concluderen, dat absolute zekerheid onmogelijk is. Want we kunnen absoluut zeker zijn dat een universele stelling juist niet waar is. Dus de stelling ‘alles is relatief’ is fout. Je kunt hier dus zeker van zijn, omdat de stelling ‘alles is relatief’ dus óók een speciaal geval van een Foutheid is.
    4. Als De Waarheid alleen maar een uitspraak is, die nog niet door de werkelijkheid is weerlegd, maar altijd door een feit weerlegd zou kunnen worden, dan kan deze niet uit de werkelijkheid zelf komen. Want als dat wél zo is, dan kan er geen weerlegging bestaan. Maar dan is er maar één oorsprong van een De Waarheid. En dat is de menselijke fantasie! Dus alle zogenaamde Universele Waarheden zijn dus niet door ‘Hogere Wezens’, zoals Goden, of Zonen van Goden, of van Profeten gezien, omdat zij verder zijn dan anderen, maar louter en alleen verzonnen, en vervolgens met veel psychologie (vooral appeleren op de wens van onvolwassenen om weer baby te kunnen zijn) door anderen overgenomen. Soms zijn ze ‘aangekleed’ met logica. Er bestaat dus niet zoiets als ‘inductie’, dus ‘generalisatie van feiten tot algemene gevallen’. Dat is de grote ontdekking van Popper.
    5. Als geen enkele De Waarheid zekerheid kan geven, en de énige zekerheid die mogelijk is een negatieve is, dan bestaat er geen De Waarheid, die je kan vertellen wat je wel moet doen. Er bestaat alleen maar zekerheid omtrent zaken die je niet moet doen. Dus de mens is alles toegestaan, behalve datgene waarvan volkomen duidelijk is, dat het fout is. De mens is dus niet in staat om te zien dat hij het Goede doet. In absolute zin kan hij alleen maar zien dat zijn handelingen absoluut fout zijn. Je kunt inzien, dat het fout is om een medemens, die jou niets heeft gedaan, te doden. Het weten van de mens kan hem maar twee dingen duidelijk maken. Het kan zien welke fouten hij moet vermijden. En verder is hij aangewezen op zijn denkvermogen en eigen verantwoordelijkheid om tot verbetering te komen.

    Maar dat is een uitzonderlijke opgave. Want dat betekent dat er geen universele strijd bestaat tussen Goed en Kwaad. Er bestaat alleen maar een individuele strijd tussen Goed en Beter. Steeds zal de mens geconfronteerd worden met zaken, die Goed zijn om te doen. En liefst zou de mens alles wat Goed is willen doen, of voltooid willen zien. Maar de mens is, als individu, beperkt. En daarom kan hij, als hij eenmaal erin slaagt om fouten te vermijden, zich steeds de vraag stellen wat het beste is om te doen. Dus dat iets goed is om te doen, is niet voldoende om het te doen. Daar bovenop moet je de vraag stellen of het het beste is wat je met je beperkte vermogens kunt doen. En dat is precies, waarom de menselijke vrijheid bestaat, en zijn denkvermogen bestaat.

    Dit roept dan ook een vraag op. Hoe kunnen wij, op basis van absolute zekerheden die alleen maar kunnen bestaan als ontkenningen van universele uitspraken, deze toch omzetten in een basis voor effectief handelen? Dus omzetten in een basis, waarbij wij onze voorstellingen in realiteit kunnen omzetten? Hoe is wetenschap mogelijk, als de énige vorm van absolute zekerheid het zeker zijn van de ongeldigheid van absolute uitspraken is? Het antwoord op deze vraag wordt gegeven via het idee context.

    Een Universele Uitspraak heeft namelijk niet alleen een inhoudelijke structuur, maar ook een context. Of, om het simpel te zeggen, weliswaar kunnen wij van elke Universele Uitspraak inhoudelijk nooit zeker zijn, maar dat wil niet zeggen, dat een Universele Uitspraak nooit geldig is. Er bestaan weldegelijk Universele Uitspraken die op de werkelijkheid toepasbaar zijn. Een zinnige Universele Uitspraak, dus een Universele Uitspraak die toepasbaar is op de werkelijkheid, kent namelijk weldegelijk zaken in de werkelijkheid, die er niet mee in strijd zijn. Of, om dit met Popper’s voorbeeld te illustreren, als je de Universele Uitspraak: ‘alle zwanen zijn wit’ beschouwt, en je ontdekt een zwarte zwaan, dan wil dat niet zeggen, dat daarmee meteen bewezen is dat geen enkele zwaan wit is. Witte zwanen komen voor. Misschien zijn zelfs de meeste zwanen wit. En dat deel van de zwanenpopulatie dat wit is, komt weldegelijk overeen met de stelling ‘alle zwanen zijn wit’. Je kunt dat deel van de zwanenpopulatie die bestaat uit witte zwanen daarom het geldigheidsdomein noemen van de universele stelling: ‘alle zwanen zijn wit’.

    Of, om het iets anders te zeggen: geen enkele witte zwaan kan gebruikt worden om de geldigheid van de stelling ‘alle zwanen zijn wit’ te weerleggen. Je hebt daar echt een zwaan voor nodig, die niet wit is.

    Ogenschijnlijk kom je dan in een tautologie terecht. Want als je met ‘alle zwanen zijn wit’ alleen van toepassing beschouwt op zwanen, die inderdaad wit zijn, dan zeg je natuurlijk niets meer. Want dan zeg je in feite iets, wat overeenstemt met de Universele Uitspraak: ‘Alle vrijgezellen zijn niet getrouwd’. Dus hoe kun je van dergelijke tautologische uitspraken dan toch nog een nuttig gebruik maken?

    Er is een uitweg uit dit dilemma. Als je een boerderij runt waarop je zwanen fokt, en je zorgt ervoor dat er geen zwarte zwanen tussen zitten door deze eruit te weren, kun je er zeker van zijn, dat de stelling ‘alle zwanen op mijn boerderij zijn wit’, door geen enkele zwaan op de boerderij weerlegd wordt, en dus geldig is op de boerderij. Want juist doordat je bedacht bent op dat het kan voorkomen dat er af en toe een zwarte zwaan uit een ei tevoorschijn komt, kun je er bewust bijblijven, en deze zwarte zwaan elimineren. Maar als je er klakkeloos vanuit gaat dat alle zwanen wit zullen zijn, zul je deze eliminatie niet bewust uitvoeren, zodat er een fout ontstaat tussen jouw opvatting over de zwanen op je boerderij en wat er werkelijk rondloopt.

    Dus als er dus witte zwanen bestaan, dan laat dat zien dat er een context bestaat waarbinnen de Universele Uitspraak niet weerlegd wordt.

    Dat betekent dus, dat universele uitspraken niet waar zijn, maar éérst verzonnen, en daarna waar gemaakt worden. Ze worden waar gemaakt door de context zó nauw te maken, dat de uitzonderingen uitgesloten worden. En dat laatste is onder andere mogelijk, doordat je juist het absoluut waar zijn van stellingen steeds onderzoekt, zodat je je bewust bent van de uitzonderingen, en juist daardoor de context hieraan kan aanpassen, zodat de uitzonderingen niet voorkomen. Je krijgt dan de vreemde paradox, dat je, juist doordat je je bewust bent van het feit, dat uitzonderingen kunnen voorkomen, dus het idee van De Waarheid afwijst, je de condities kunt scheppen waardoor je handelingen precies datgene opleveren wat je voor ogen staat.

    Helaas is dat precies, wat Fundamentalisten op een negatieve manier toepassen. Ze stellen: ‘Alle waar Islamitische vrouwen zijn gesluierd’, zo stelt de Islamiet. En als dan een vrouw zichzelf als Islamiet beschouwt, en ze draagt géén sluier, dan dwingen fundamentalistische mannen haar om een sluier te dragen. Of, zoals ik pas tot mijn gruwel hoorde, in Afghanistan werd een aantal vrouwen die onderwijzeres waren, en hun families, uitgemoord. Want Een ‘waar Islamitische vrouw is geen onderwijzeres’. En dus meenden een aantal, ongetwijfeld mannen, het recht te hebben om deze vrouwen te vermoorden! Denkende vrouwen zijn tenslotte twijfelende vrouwen, en dat kun je niet hebben in een Heilig Geloof gefundeerd in de Absoluutheid van de inhoud van de Absolute Waarheid!

    De reden waarom ze dat doen is ook duidelijk. Want elk mens kent een baby leerfase, waarin de ‘Hogere Macht’ (éérst Mamma, en dan Pappa) een ‘structuur’ duidelijk maakt. Een structuur, die, als ze deze maar ‘gehoorzamen’, dus als ze maar precies doen wat deze ‘hogere structuur’ hen duidelijk maakt, voor alles zorgt wat ze maar wensen. Dus wat mensen, die zich niet ontwikkelen nastreven, is één of andere structuur, die hen inhoudelijk duidelijk maakt wat ze moeten doen. Een filosofie die louter en alleen gebaseerd is op dat het énige wat zeker is de fouten zijn die je kunt maken, is gewoonweg veel te onzeker. Want die vergt het bewust inschakelen van je vermogens. En om dat mogelijk te maken een ja zeggen tegen de persoonlijke en individuele verantwoordelijkheid.

    Dus als je niet weet dat De Waarheid niet bestaat, maar gemaakt wordt, dan zul je een emotionele structuur hebben, die zich verzet tegen elke weerlegging. Dus alles wat ermee in strijd is zal woede opwekken. En als het in georganiseerde vorm bestaat, dan leidt het tot oorlog. En zo leidt De Waarheid, gecombineerd met het Hogere Doel tot handelingen van individuen die tot de meest gruwelijke misdaden gerekend kunnen worden. (N.b. We kunnen nooit zeker zijn van het goede van onze daden. We kunnen wel zeker zijn van het foute van onze misdaden!)

    Als je eenmaal weet dat De Waarheid niet iets is wat bestaat, maar gemaakt wordt, dan ben je voorzichtig. Het zorgt er dan voor, dat het denken de emoties beteugelt. Want als je iets blind verwacht, en er ontstaat een feit in strijd hiermee, dan ontstaan daaruit emoties. En als de blinde verwachting gebaseerd is op de illusie van De Waarheid, dan is die specifieke emotie woede.

    De Waarheid, welke dat ook is, is de wortel van woede. En, als je zwakker bent, van angst en schuldgevoel. Maar dat leidt nog niet tot oorlog. Dat gebeurt pas als De Waarheid waarin je gelooft belichaamd wordt door een Autoriteit, dan ontstaat het geloof, dat er Goden zijn, Zonen van Goden zijn zoals Jezus, of Superieure Mensen zijn, Profeten, zoals Mohammed, die in staat zijn om je leven te besturen. Of als je gelooft in Verlichte Mensen zoals Boeddha en, meer recentelijk, Bhagwan. Je gaat jezelf dan zien als ‘slechts één cel van een groter geheel’. Of één onderdeel van een betekenis scheppend collectief. Je ziet jezelf dan niet meer als een individu. In feite is dat een appelleren op de baby in ons, die dan kennelijk nog steeds leeft. Want die heeft een emotionele structuur, waarin een Moeder en/of een Vader nodig zijn om te overleven. Als die Autoriteit dan aangevochten wordt, dan staat, emotioneel gesproken, de overleving zelf op het spel. Als kind ga je dan bleren en heb je woede uitbarstingen. Als onderdeel van een collectief krijg je massale geweldpleging. En zo ontstaat uit de belofte van de Zekerheid, die dan gebonden is aan De Waarheid, en die op zijn beurt weer belichaamd is in één of andere sociale structuur, bestuurt door een Grote Leider, een bron van oorlog.

    De Irak oorlog laat zien, dat de specifieke vorm van Het Grotere Geheel niet uitmaakt. Wat het ook is, wat als Heilig gezien wordt, het kan een bron van oorlog vormen. Ook Democratie, die volgens Bastiat geworteld is in wederzijdse beroving (via belastingen), wil zichzelf verdedigen, en wil zichzelf verspreiden. Dat alle mensen broeders (en zusters) zijn, wordt dan niet beseft, en de Absolute Waarheidsdragers gaat dan over tot massale broeder en zustermoord. Je kunt het ze niet echt kwalijk nemen. Want het zijn geen volwassen individuen. Het zijn allemaal babies, die nooit de volwassenheid hebben bereikt, en dus niet weten wat ze doen. Het heeft dus weinig zin om dit alleen met geweld te bestrijden. Als een baby een pak slaag krijgt, dan blèrt het, maar het zal er zeker niet volwassen door worden. Aleen door systematisch het intellect aan te spreken kan een mens de volle betekenis van het individu zijn gewaar worden, en dus volwassen worden. Pas dan wordt ‘het’ een ‘iemand’, die kan zien dat ‘hij of zij’ iets doet wat fout is.

    Dus je krijgt dan, dat mensen, uit hun babytijd een herinnering hebben aan een situatie van Absolute Zekerheid. Later worden ze, als volwassenen, geconfronteerd met het feit dat die zekerheid uit hun ouders stamt, en dat dat zwakke mensen zijn zoals zijzelf, en niet de Goden die zij dachten dat ze waren. De Autoriteit van de ouders valt weg. Maar de herinnering aan die zekerheid doet mensen hier toch naar terug verlangen. En ze begaan dan de vergissing, om te denken dat als hun ouders dan niet machtig genoeg zijn, dan zijn er Groten te vinden, Goden, Sociale Structuren, Grotere Gehelen, waar zij deel van kunnen uitmaken, die hun de Zekerheid van de babytijd terug kunnen geven. En dus gaan ze op zoek. Eerst naar Goden. En dan naar Zonen van Goden. En dan naar Profeten. En dan naar Grote Mensen, en dan naar Charismatische mensen. Alles, zolang je maar niet zelf hoeft na te denken. En in dat alles wordt gezocht naar De Grote Waarheid, die Absolute Zekerheid belooft, en die je vertelt hoe je moet handelen, zonder te hoeven nadenken.

    Pas als je volwassen wordt, kom je tot het volle besef, dat De Waarheid niet bestaat, en dat er geen autoriteiten waaruit je de zekerheid van de babytijd terug kunt halen. Ook zie je, dat De Samenleving een illusie is. De Samenleving bestaat niet. Hoogstens bestaat er ‘het samenleven’, of ‘het samen – leven’. De Mensheid bstaat ook niet. Er bestaan alleen maar simpelweg mensen.

    Ben je op dat punt aangeland, dan ben je er nog niet. Want het kan zijn, dat je inmiddels je eigen menselijke vermogens hebt ontdekt. En dan kun je in de illusie terecht komen, dat als de Grote Autoriteit dan niet buiten je gevonden kan worden, dan maar proberen om zelf een Grote Autoriteit of Groot Leider te worden. En dan val je in de val van het Goeroeschap, de Politiek of een andere laatste barrière naar volledige individualiteit.

    Dit is ook de reden, waarom Fundamentalisten zich het recht aanmeten om mensen die in strijd zijn met hun De Waarheid te doden. Alle fanatieke volgelingen zijn Goeroes in de dop. Zij weten niet, dat alle mensen broeders en zusters zijn. Pas als je de beperkte kracht ziet van je eigen kunnen, en je ziet dat je zonder je medemensen niet kunt overleven, laat staan leven, valt ook deze laatste Autoriteit weg, en zie je de precaire situatie waarin elk mens zit. Je ziet dan, dat geen enkel mens in zijn ééntje ‘de zaak voor elkaar’ kan krijgen. Wat je wél ziet, is dat als mensen ten eerste individu zijn, en dan leren om hun krachten te bundelen, ze tot uitzonderlijke zaken in staat zijn. Maar daarvoor is het nodig, dat je bondgenoten zoekt, en opzoekt. Dat de bondgenoten dan niet precies zoals jijzelf denken, is dan de keerzijde van het ontkennen van jezelf als autoriteit. Of, anders gezegd, als je jezelf niet langer meer ziet als een autoriteit, dan kun je bondgenoten hebben. Want je probeert dan niet meer anderen te veranderen. Je probeert slechts een bijdrage te leveren, en laat het aan anderen wat ze daar dan aan denken te hebben. Kortom, op deze manier iets, wat verder reikt dan tolerantie. Je hebt dan de éérste stap naar waarachtige naastenliefde gelegd. Je ziet dan fanatiekelingen niet langer meer als belichamingen van Het Kwaad, of als mensen die de weg kwijt zijn. Nee, je ziet ze als mensen die niet weten dat er geen ‘de weg’ is. Je ziet ze als babies, die denken dat ze zonder een ‘weg’ dus zonder begeleiding niet kunnen leven, of niet zien hoe dat dan mogelijk is.

    Ben je individu, dan begrijp je dat er geen ‘de weg’ is, en dat dat nu juist de uitdaging is die aan het individu gesteld wordt. Je bent dan niet langer meer een baby die de verantwoordelijkheid voor de vrijheid met alle macht die in hen bestaat uit de weg gaat.

    Je bent dan geen baby meer.

  2. D.Heukels schreef op : 2

    Ik ben zo vrij vast te stellen dan Ayaan zich niet richt tot de moslima’s,maar zoals Tony Blair tot het westen.Het oordeel dat “zij zichzelf buiten spel zetten” zullen die moslima’s dan ook niet als handycap zien.Zij hebben zich immers onderworpen,vrijwillig/onvrijwillig of bewust/onbewust ,aan hun religie die “onderwerping” (=islam) betekent.Het zal provocerend overkomen maar in wezen gaat het om een masochistische houding die de mens aanneemt in zijn verhouding tot de almachtige,god genaamd. Het gaat steeds om de schuld en zonde die overwonnen wordt door verlossing van het zich rekenschap geven.Rekenschap geven is ,als voor de “baby” van Conrad Swart,immers een loden last.Een bijkomende complicatie is de positie van de vrouw in de religie.Zoals Ayaan laat doorschemeren ,wordt zij verantwoordelijk gehouden voor het sexuele gedrag van de man,maar mi. niet alleen in de Islam: Het geldt evenzeer voor het Christendom/Jodendom. Dat het zich niet meer dominant in het westen manifesteert heeft niet als oorzaak die religies,maar is gelegen in de burgerrevolutie die het einde van de “sacrale tijd” markeerde,door de scheiding van religie en staat.Dat alles wil niet zeggen dat de meesten zich hier niet meer ergeren als vrouwen/meisjes zich verleidelijk gedragen en de zg. eerbaarheid op de proef stellen.Helaas (?) vele normen en zekerheden uit ons theocratisch verleden hebben we tot op de dag van vandaag gehandhaafd. Want de referentie was , zoals altijd in de aanvang,abstract.Net als het ontstaan van een godsdienst dus.Gaandeweg worden de goden weer mensen en de vrouwen en mannen weer lichamen waaraan de kleding zich weer ondergeschikt ging maken.Het probleem van het westen waarin een andere cultuur zich thans vestigt is dus de confrontatie van tegengestelde motieven. Wezenlijk is er een volgende burgerrevolutie aan de gang en als die bloedig gaat verlopen,zoals in Irak ,zal dat te wijten zijn aan het gebrek van bekommernis en compassie. Tenslotte zal een ieder erkennen dat hij/zij zichzelf het naast is en zich rekenschap geven van haar/zijn doen en laten.En… de godsdienstige baby is zichzelf het verst.Hij overstijgt zijn woede,om de aantasting van zijn zekerheden, niet en offert zich de god die hem wezenlijk vreemd is : De ander,die een schijnzekerheid zal blijken te zijn.
    Alles is tenslotte onzeker,maar alleen met vertrouwen vindt men trouw.