vrijdag, 17 juni 2005
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Belastingen betalen is een recht


Libertariërs zoeken concrete strategie

De meeste mensen ervaren belastingen niet als geweld. Libertariërs die zonder meer pleiten voor de afschaffing van alle belastingen komen niet serieus over. „Je bent zeker de leukste thuis” krijgen ze doorgaans te horen. “Als men de belastingen afschaft, dan is er geen staat meer! Belastingen betalen is een recht dat we toch aan niemand kunnen ontzeggen”. Zo vatte Mark SYMOENS het grootste bezwaar tegen het radicale taalgebruik van bepaalde libertariërs samen, tijdens een studienamiddag dat het Libertarisch Studiecentrum op l juni 1991 te Antwerpen wijdde aan de de Libertarische strategie voor de jaren 1990.

ISSUES

De belangrijkste conclusie van die studienamiddag was dat de libertarische gedachte, afgezien van de kwestie van de duidelijke definitie ervan, alleen dan verspreid zal worden als ze met een concrete “issue” wordt verbonden.

In de negentiende eeuw werd het liberalisme ook voor de doorsnee burger een tastbare werkelijkheid toen die gedachte verbonden werd door de Engelsman COBDEN met de strijd tegen de invoerrechten en in het bijzonder de “Corn Laws”. De mensen beleefden toen hoe de verlaging van die invoerrechten de levensmiddelen in Groot-Brittannië goedkoper maakte en hoe hun levensstandaard in gelijke mate steeg.

Vrijhandel slaat nu heel wat minder aan. Dit illustreert dat een goed actiethema steeds plaats- en tijdgebonden is of, zoals Otto VRIJHOF het formuleerde, dat er een probleem van identiteit en van timing is. Het succes van een issue in Nederland garandeert geen succes in België (Vlaanderen). In elke cultuur moet men de meest gevoelige snaar raken.

HET AIDA-MODEL

Veel aandacht werd eveneens besteed aan de vraag hoe niet-libertariërs het best benaderd kunnen worden. Hub JONGEN wees op de meest frequente moeilijkheden aan de hand van het AIDA-model. AIDA slaat niet op de bekende opera van de Italiaan VERDI, maar staat voor “Attention – Interest – Desire – Action”. Volgens JONGEN is het niet zo moeilijk aandacht en interesse te wekken, wel om een verlangen te doen ontstaan. Vaak komen na de eerste twee stadia immers de bekende “ja maar’ antwoorden zoals „Alles wat je vertelt is heel mooi maar wat doe je dan met fabrikanten die kartels vormen?”, hierbij te verstaan gevend dat de overheid toch niet te missen is. In verband met de wet arbeidsongeschiktheid (WAO) geeft iedereen toe dat die wet vooral een oplossing bood aan werkgevers om overtollige arbeiders te laten afvloeien. Maar als je de afschaffing ervan voorstelt krijg je onmiddellijk te horen: „Maar, wil je de armen laten verrekken?”.

De meeste mensen willen in feite niet overtuigd worden. Ze willen enkel gelijk krijgen. “Ja maar”- antwoorden zijn voor hen een techniek om je in de val te lokken en nadat je mooi je theorie verkondigd hebt, de genadeslag toe te delen met een (vaak irrationeel) “ja, maar”-bezwaar. Mark SYMOENS riep de libertariërs daarom op zich vooreerst op hun vrienden te richten. Vrienden zijn immers vaker bereid verdraagzaam te luisteren en na te denken. Ze willen niet “per se” gelijk krijgen op het eind van het gesprek.

MENSEN WILLEN ZEKERHEID

Voorts stellen libertariërs vaak oplossingen voor die haaks op de verwachtingen van de gesprekspartners staan. Hiermede trekken ze wel veel aandacht, maar overtuigen niemand. De meeste mensen hechten namelijk meer waarde aan zekerheid dan aan vrijheid. In hun achterhoofd lopen ze, aldus Riet JONGEN, met de gedachte „Als ik ziek wordt, wil ik ook van dat vangnet profiteren”. Daarom juist is het kiezen van concrete “issues” belangrijk, waarbij cijfermatig libertarische alternatieven worden voorgesteld.

AFGUNST

Het laatste deel van de studienamiddag werd gewijd aan de mogelijke “issues”. In de Verenigde Staten stelden, volgens Hub JONGEN, libertariërs de volgende slogan voor: “iedereen miljonair”. Immers als iedereen het bedrag zou kunnen sparen dat hij aan sociale premies en belastingen betaalt, zou bijna iedereen tegen pensioenleeftijd miljonair zijn. Het probleem van een dergelijk thema is evenwel dat de meeste mensen inzien dat de afschaffing van de belastingen en sociale premies heel wat diensten die thans door de overheid verzorgd worden, op de helling zou brengen: politie, wegenbouw, spoorwegen, sociale verzekeringen etc. Die mensen beseffen heel precies het voordeel dat ze eraan hebben. De baten van vrijheid zijn daarentegen veel minder concreet. Beter één vogel in de hand, dan tien in de lucht denken ze, overeenkomstig; de oude volkswijsheid.

Mark SYMOENS stelde daarom voor slechts bepaalde belastingen ter discussie te stellen, bijvoorbeeld de vennootschapsbelasting. De vraag is evenwel of libertariërs zich zo voldoende zullen kunnen profileren. Otto VRIJHOF herinnerde eraan dat in Nederland het rechtvaardigheidsargument van de onderdrukte groepering de gevoelige snaar is. De vraag is evenwel of, in acht genomen de algemeen verspreide afgunst in onze streken, het Randiaans argument van de “verdrukte ondernemers” enige kans kan maken

ANDERE THEMA’S

Daarop werden de pro’s en contra’s van andere mogelijke “issues” onderzocht. Vooreerst van de afschaffing van legerdienst, thema waaraan de libertarische professor LINGLE verschillende studies gewijd heeft. In België wordt dit thema evenwel reeds door de Vlaamse christendemocraten (CVP) verspreid.

Vervolgens werd het thema van de vestigingswetten aangesneden. De moeilijkheid is hier dat vestigingswetten vaak een logisch antwoord zijn op het jaarlijks dumpen op de arbeidsmarkt van duizenden jonge gediplomeerden door de universiteiten, zonder enig verband met een eventuele stijging van de marktvraag. Inderdaad zolang het mogelijk zal zijn op kosten van de gemeenschap te studeren zullen jongeren er belang bij hebben voor bijvoorbeeld apotheker te studeren, tenminste zolang een apotheker meer verdient dan het bedrag van werklozensteun. Hetzelfde geldt uiteraard voor artsen of notarissen.

Men kan dus moeilijk één thema van de andere isoleren. Het libertarisme is een totaalreactie op de verwording; van de westerse rechtsstaten tot wat BASTIAT terecht definieerde als ficties die door eenieder worden aangewend om ernaar te streven op kosten van zijn buur te leven.

Fred DEKKERS van de Stichting Objectief Sociaaldenken suggereerde daarom dat een goede didactische methode erin kon bestaan absurde maatregelen voor te stellen, zoals het invoeren van een vergunning voor keukenmessen – die ook wel eens als moordwapen dienen – of het verplicht stellen van stickers op bananen met vermelding “het Ministerie van Volksgezondheid waarschuwt ervoor dat op bananenschillen kan worden uitgegleden en daarom de gezondheid van de voetganger bedreigd wordt.”

CONCRETE STRATEGIE

Na afloop van de studienamiddag waren alle deelnemers het ermee eens dat een concrete strategie uitstippelen niet in het abstracte mogelijk was. De enige benadering die overwogen kan worden, is te experimenteren en daarna de mate van respons te vergelijken. Blijft dat de verspreiding van het libertarisme dan nog staat of valt met de duidelijkheid en de aantrekkelijkheid waarmede het voor buitenstaanders gedefinieerd wordt. Die concrete definitie werd evenwel naar de toekomst verwezen. Er blijft nog heel wat werk op de plank voor het libertarisch studiecentrum.

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars
Loading ... Loading ...

Door Hocepied, Chris, topic: Hocepied, Chris, Onderwijs, Vrijbrief 161 (juli/augustus 1991)
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.